En ja, het is weer zo ver. Het zwaarste is weer geleden. Maar ditmaal was het echt wel zwaar. Met de MMC trokken we naar Ovifat voor een bangelijk WE waar we op zaterdag de hoogste 'berg' van België beklommen hebben. Jawel, we stonden op de top van de Botrange midden in de Hoge Venen. Het prachtige weer maakte het alleen maar leuker. Zo heb ik het 'downhill' lopen nog eens kunnen uitproberen (tegen 15 à 16km/u). En helaas, what goes down, must go up. Die beklimming op het einde van elke ronde krop snel in de kleren. Moeilijk om dan nog te vermijden dat je hartslag te hoog gaat. 27,3 km met 360 hoogtemeters. Iemand zei me dat elke 100m klimmen goed is voor een extra km gelopen hebben. Dus op die manier kwam ik dan toch aan 30km.
's Anderendaags is het me echter nog beter afgegaan. Ik liep 14 km aan de ondergrens van de hartslagzone voor een trage duurloop aan 10,3km/u. Niet verwonderlijk dat ik het naar m'n zin had...
Nog minder dan twee weken en ik sta aan de start van m'n 7e marathon, die van Nice naar Cannes ofwel 'Le marathon des Alpes-Maritimes'. Niet minder dan 40 clubleden zullen me vergezellen. Dat zal me daar een feestje worden...
Om een reactie te kunnen plaatsen moet u beschikken over een (Google-)account. Deze is gratis en gemakkelijk zelf aan te maken.
dinsdag 23 oktober 2012
dinsdag 11 september 2012
Zwintriatlon
Mijn deelname aan de Zwintriatlon van dit jaar dreigde bijna een kopie te worden van die van vorig jaar! Het weer was nochtans zonniger en de wind kwam van een andere richting.
Ik kon echter enkel het verschil maken in de fietsproef en de wissels. Op luttele seconden na waren de zwem- en loopproef nagenoeg identisch aan die van vorig jaar. De wind blies ditmaal vanuit het noordwesten en ik had gehoopt dat dit de uitslag serieus zou beïnvloeden. Helaas, enkel in het stukje terugkerende van Cadzand heb ik ervan kunnen profiteren en haalde toen snelheden van meer dan 45km/u. Voor de rest was het weer tegen de wind in beuken. 3 tot 4 beaufort! Desondanks lukte het me toch om in net geen anderhalf uur de klus te klaren.
Ik kon deze versie beëindigen in 2u52, 9 minuten sneller dan vorig jaar!
Benieuwd wat het volgend jaar zal worden. Tenminste als ik ingeschreven geraak!
En misschien moet ik me toch maar eens de aanschaf van een tijdritfiets overwegen?
Benieuwd wat het volgend jaar zal worden. Tenminste als ik ingeschreven geraak!
En misschien moet ik me toch maar eens de aanschaf van een tijdritfiets overwegen?
maandag 20 augustus 2012
Course des cinq 4000
Om 2:45u (jawel!) moest ik er al uit. Zo had ik nog drie kwartiers om me klaar te maken en te ontbijten alvorens de bus op te stappen richting Sierre.
De wonden op m'n knie leken gestabiliseerd.
Drie dagen eerder kwam ik zeer pijnlijk ten val tijdens een verkenningsloopje tussen Tignousa en Hotel Weisshorn. Ofschoon ik m'n handen nog net voor me uit kon plaatsen kon ik niet beletten dat m'n bril me in het aangezicht werd gedrukt. Uit een kleine snijwonde stroomde het bloed over m'n aangezicht. De palm van m'n linkerhand was flink gekneusd. En terwijl ik door de medelopers werd recht geholpen zag ik het bloed weg gutsen uit een diepe snijwonde op m'n rechterknie.
Ik kon niet beter gemikt hebben. Ik viel op drie uitstekende stenen tegelijk, één ter hoogte van m'n knie, één ter hoogte van m'n borstkas en één ter hoogte van m'n aangezicht. Iemand zei me dat ik meteen verder moest lopen omdat ik anders zou verstijven. Nog voor ik goed besefte wat me was overkomen liep ik dus verder. Toen voelde ik dat het ademen bemoeilijkt werd door een pijn links in de borstkas. Wellicht een gekneusde rib. Maar al bij al ging het mij nog goed af. Onderweg heb ik de kniewonde uitgespoeld met het water van een bergstroompje daarbij de rest van m'n onderbeen fatsoenerende en niet wetende dat het bloed m'n aangezicht ook al flink besmeurd had. Vandaar dat de wandelaars zo raar opkeken. Pas toen ik weer in Tignousa aankwam realiseerde ik me de omvang van de val. In de toiletten van het bovenstation van het funiculair heb ik de wonden deftig kunnen uitspoelen en kon de eerste hulp worden toegepast. De kniewonde moest genaaid worden, zo veel was zeker. Daarvoor was een afspraak met een arts uit Vissoie noodzakelijk. Maar die was niet meteen beschikbaar zodat ik me nog kon gaan verfrissen in ons hotel te Zinal. De afspraak bij de arts verliep ook wat chaotisch, ik zat aanvankelijk blijkbaar bij de verkeerde, maar uiteindelijk verliep de ingreep feilloos en de arts verzekerde me dat de wonde de wedstrijd wel zou doorstaan. De eerst komende dagen dienden de wonden wel regelmatig ontsmet te worden om ontstekingen uit te sluiten.
Ditmaal was ik dus letterlijk kapot van een loopje in de bergen. Nochtans was ik kort daarvoor al verwittigd door de val van Veerle, die echter meer geluk had. Het heeft me wel een belangrijke les bijgebracht: loop niet te dicht achter je voorganger zodat je goed kan zien waar je voeten te plaatsen.
Zowel tijdens het ontbijt als in de bus was de sfeer hartelijk. Iedereen van de MMC had al aardig wat marathonervaring, 31km lijkt dus 'kinderspel', maar dat is dan buiten die hoogtemeters en de smalle, oneffen paadjes gerekend. We beseften allen dat het wel eens merkelijk langer dan onze gemiddelde marathontijd zou duren. De week ervoor had ik als training de 2e editie van de Terra Aqua Cielo Wild Trail in Noord-Italië gelopen en heb daarvan onthouden dat het afdalen zo mogelijk nog moeilijker is dan het stijgen. In Italië moesten we afdalen wat we stegen, hier in Zwitserland zou dit echter beperkt blijven tot een afdaling in de laatste 3 à 4 kilometer want de aankomst in Zinal ligt ruim 1000m hoger dan de start in Sierre. In Italië deed ik er bijna 6 uur over, nu moest een tijd rond de 5u30' wel haalbaar zijn voor een vergelijkbare afstand. Ik had me echter voorgenomen om de tijd te nemen voor wat foto's. Tenslotte had ik me toch ingeschreven in de categorie van de 'toeristen'...
De busrit dropte ons na zo'n 45 minuten af nabij de start. Veel volk. De temperatuur was fris maar net dragelijk. We hadden nog eens 45 minuten de tijd om ons voor te bereiden. Ik had m'n zak al afgegeven toen ik besefte dat m'n 'startdrank' er nog in zat. Ik mocht de vrachtwagen opklimmen om tussen alle andere zakken te graven naar de mijne...
Aan de start voelde je duidelijk dat ook de andere 'toeristen' zenuwachtig waren. Het was nog steeds donker en we konden ons wat afleiden door het observeren van de vallende sterren. Die nacht zou de doortocht van de Perseïden door onze dampkring plaatsvinden en dat wilden we toch wel gezien hebben.
Voor we't wisten was het al 5u. Een bescheiden schot (wellicht om niet geheel Sierre wakker te maken) gaf de start aan. Zo'n 2.500 lopers zochten hun weg naar boven. Ons werd verteld om zo lang mogelijk de asfaltbaan te nemen en af te zien van de trappen juist na de start. Maar ook op die weg werd het stilaan aanschuiven als we de smallere zandweg opdraaiden. Het werd nog erger naarmate deze weg een pad werd. Zo stonden we dus regelmatig enkele minuten in de file in het licht van de talrijke hoofdlampjes. Ik heb het mijne zelfs niet moeten gebruiken. Traag maar zeker wandelden we hogerop. Van lopen was er nu zeker geen sprake. De vele files maakten dat we veelvuldig konden recupereren. Misschien zelfs van het goeie te veel zodat ik besloot om de eerste bevoorradingen zo snel mogelijk te passeren. En het was te donker om foto's te kunnen trekken.
Veel tijd verloren dus. Aan de 1e bevoorrading (Beauregard) kwamen de twee wegen weer te samen en zodoende was er nog meer volk dat omhoog moest. Stilaan begon het te schemeren. De bergtoppen waren toch al mooi opgelicht. En in de files kon ik dan toch de eerste foto's nemen. En ja, het pad was al minder steil geworden en lopen was nu wel mogelijk. We waren toen toch al meer dan 1.000m gestegen. Ondanks het gevorderde uur was het, gezien de hoogte, toch nog zeer fris! De 2e bevoorrading bij Ponchette kon je bij wijze van spreken al lopende passeren. Zeker nu het voldoende licht was geworden. De bevoorraders waren best wel grappig en ik hield toch halt voor een gelleke doorspoelende met het aangereikte water. Vanaf dan heb ik bijna het ganse stuk naar de 3e bevoorrading in Chandolin kunnen lopen. Net voor Chandolin gaat het plots weer bergaf waarmee dit traject merkelijk sneller afgelegd kon worden. Chandolin is een dorpje en de eerste toeschouwers waren dan ook al present. Er hing daar al een echte kermissfeer. Het was ook daar dat ik Anne-Marie voorbij stak.
We zouden elkaar nog vaker ontmoeten, omdat ik nu meer halt hield voor een foto hetgeen haar de kans gaf om me weer in te halen. Het pad naar Tignousa, de 4e bevoorrading, verliep, op enkele hellingen na, nagenoeg horizontaal, zodat ik er verrassend genoeg sneller was dan ik had gehoopt. Daar zouden onze supporters staan en dat is altijd een moment om naar uit te kijken.
Hartelijke begroeting! En wat een ambiance. Veel volk is hier naar boven gekomen. We waren hier iets meer dan halfweg en de zwaarste beklimmingen hadden we gehad. Ik stond lichtjes voor op m'n schema en voelde me nog vrij sterk. Maar ik vreesde dat de afdaling op het einde van de wedstrijd wel eens roet in het eten kon gooien, m'n ervaring met de trail van de week ervoor in Italië ééndachtig. Maar nu was het even uitblazen. De pleister over m'n kniewonde werd door mijn 'lijfarts' deskundig vervangen onder het luide geschal van een reeks alpenhoorns.
Heerlijk toch. Uiteindelijk moest ik natuurlijk de tocht verder zetten en ik dus op weg naar Hotel Weisshorn, over het traject dat we drie dagen eerder verkend hadden. Die verkenning kwam nu goed van pas om te weten waar ik het wandelen moest inzetten en dat was na het oversteken van een bergstroompje net voor de beklimming van de flank naar het hotel. het was ook hier dat ik ergens gevallen was, dus dubbel uit m'n doppen kijken ditmaal. De beklimming ging beduidend moeizamer dan tijdens de verkenningsloop. Hotel Weisshorn ligt nagenoeg op het hoogste punt van de wedstrijd. Daar werd ook een eerste tussentijd opgenomen. Ik zat nog altijd mooi voor op m'n schema. Het uitzicht hier is echt wel adembenemend. Dit hotel had geen betere plek kunnen kiezen. Je ziet het vanuit het dal ook als een bijna onbereikbare vestiging. Echt wel indrukwekkend. Van hieruit ging het pad op en neer naar de volgende bevoorrading. Die lag beduidend verder dan de andere van de vorige. Het op en neer lopen begon z'n tol te eisen, ik raakte vermoeid. Het werd tijd voor een 'turbo-gelleke', maar daarvoor moest ik water hebben en de bevoorrading bleef maar op zich wachten. Maar dit nam niet weg dat ik toch nog wat kiekjes heb genomen. Het uitzicht vroeg er gewoon om.
En toegegeven, af en toe stoppen voor een foto bood me meteen de gelegenheid om een beetje te recupereren. De stilte werd daarbij regelmatig verstoord door een loper die zwaar hijgend voorbij liep. Lange tijd liep ik achter een deerne die haar nummer op de rug had gespeld. 6812. Maar plots was ik haar uit het oog verloren. Benieuwd of ze al voor of nog achter mij was. Uiteindelijk bereikte ik dan toch de laatste bevoorrading. Hier was het duidelijk dat het gedaan was met het op en neer lopen, hier zou de afdaling finaal ingezet worden. Eerst nog subtiel, later verdomd steil.
Net voor de ultieme afdaling trok ik nog een laatste foto alsof het misschien wel de laatste ooit zou worden. En wat ik vreesde werd werkelijkheid. Ik kon geen snelheid nemen bij het afdalen en verspeelde veel tijd door me steeds weer af te laten remmen wat dan weer de gewrichten en zeker de spieren niet zo leuk vonden. De dag ervoor was ik de laatste kilometer van het parcours ook gaan verkennen en ik keek er ongeduldig naar uit, want vanaf dan ging het beduidend minder steil worden en kon ik min of meer normaal gaan lopen. Het toenemende aantal toeschouwers verraadde de nabijheid van de finish en ik liep het verkende stuk met vertrouwen tegemoet. Na het tunneltje was het nog 200m onverhard en dan 500m asfalt tot aan de finish. Het 'turbo-gelleke' miste zijn uitwerking niet en het zette een flinke versnelling in.
M'n trouwe fans stonden me al op te wachten. Naar gewoonte stak ik de aankomstlijn over met opgeheven armen. Ik had het gehaald net in m'n vooropgestelde tijd met slechts 17" overschot. Uiteraard zeer tevreden en voldaan. 5 minuten later finishte ook Anne-Marie. Zo konden we samen op de foto!
Een rijkelijk gevulde tafel maakte het gemakkelijk om snel te recupereren. Ik wachtte nog de aankomst van de zusjes Van S. en Ralf Z. af en ben me dan gaan douchen en omkleden. Ons hotel lag op een steenworp van de aankomst.
Daarna liet ik me toch verleiden door een frisse pint en wachtte geduldig het binnenlopen van de andere MMC-leden af. De 2e shift, die van de 'coureurs', was ondertussen ook al gestart.
Al bij al een zeer interessante en fantastische ervaring. MMC plant dit nu om de twee jaar te doen en ik zal er volgende keer weer bij zijn. Nu ik het parcours ken, kan ik misschien m'n krachten beter doseren en wellicht ook vermijden dat ik teveel tijd verlies in de files aan het begin van het parcours.
PS: De vijf 4.000 zijn: Weisshorn (4.512m), Zinalrothorn (4.221m), Ober Gabelhorn (4.070m), Matterhorn (Le Cervin) (4.505m) en Dent Blanche (4.356m).
Drie dagen eerder kwam ik zeer pijnlijk ten val tijdens een verkenningsloopje tussen Tignousa en Hotel Weisshorn. Ofschoon ik m'n handen nog net voor me uit kon plaatsen kon ik niet beletten dat m'n bril me in het aangezicht werd gedrukt. Uit een kleine snijwonde stroomde het bloed over m'n aangezicht. De palm van m'n linkerhand was flink gekneusd. En terwijl ik door de medelopers werd recht geholpen zag ik het bloed weg gutsen uit een diepe snijwonde op m'n rechterknie.
Ik kon niet beter gemikt hebben. Ik viel op drie uitstekende stenen tegelijk, één ter hoogte van m'n knie, één ter hoogte van m'n borstkas en één ter hoogte van m'n aangezicht. Iemand zei me dat ik meteen verder moest lopen omdat ik anders zou verstijven. Nog voor ik goed besefte wat me was overkomen liep ik dus verder. Toen voelde ik dat het ademen bemoeilijkt werd door een pijn links in de borstkas. Wellicht een gekneusde rib. Maar al bij al ging het mij nog goed af. Onderweg heb ik de kniewonde uitgespoeld met het water van een bergstroompje daarbij de rest van m'n onderbeen fatsoenerende en niet wetende dat het bloed m'n aangezicht ook al flink besmeurd had. Vandaar dat de wandelaars zo raar opkeken. Pas toen ik weer in Tignousa aankwam realiseerde ik me de omvang van de val. In de toiletten van het bovenstation van het funiculair heb ik de wonden deftig kunnen uitspoelen en kon de eerste hulp worden toegepast. De kniewonde moest genaaid worden, zo veel was zeker. Daarvoor was een afspraak met een arts uit Vissoie noodzakelijk. Maar die was niet meteen beschikbaar zodat ik me nog kon gaan verfrissen in ons hotel te Zinal. De afspraak bij de arts verliep ook wat chaotisch, ik zat aanvankelijk blijkbaar bij de verkeerde, maar uiteindelijk verliep de ingreep feilloos en de arts verzekerde me dat de wonde de wedstrijd wel zou doorstaan. De eerst komende dagen dienden de wonden wel regelmatig ontsmet te worden om ontstekingen uit te sluiten.
Ditmaal was ik dus letterlijk kapot van een loopje in de bergen. Nochtans was ik kort daarvoor al verwittigd door de val van Veerle, die echter meer geluk had. Het heeft me wel een belangrijke les bijgebracht: loop niet te dicht achter je voorganger zodat je goed kan zien waar je voeten te plaatsen.
Zowel tijdens het ontbijt als in de bus was de sfeer hartelijk. Iedereen van de MMC had al aardig wat marathonervaring, 31km lijkt dus 'kinderspel', maar dat is dan buiten die hoogtemeters en de smalle, oneffen paadjes gerekend. We beseften allen dat het wel eens merkelijk langer dan onze gemiddelde marathontijd zou duren. De week ervoor had ik als training de 2e editie van de Terra Aqua Cielo Wild Trail in Noord-Italië gelopen en heb daarvan onthouden dat het afdalen zo mogelijk nog moeilijker is dan het stijgen. In Italië moesten we afdalen wat we stegen, hier in Zwitserland zou dit echter beperkt blijven tot een afdaling in de laatste 3 à 4 kilometer want de aankomst in Zinal ligt ruim 1000m hoger dan de start in Sierre. In Italië deed ik er bijna 6 uur over, nu moest een tijd rond de 5u30' wel haalbaar zijn voor een vergelijkbare afstand. Ik had me echter voorgenomen om de tijd te nemen voor wat foto's. Tenslotte had ik me toch ingeschreven in de categorie van de 'toeristen'...
De busrit dropte ons na zo'n 45 minuten af nabij de start. Veel volk. De temperatuur was fris maar net dragelijk. We hadden nog eens 45 minuten de tijd om ons voor te bereiden. Ik had m'n zak al afgegeven toen ik besefte dat m'n 'startdrank' er nog in zat. Ik mocht de vrachtwagen opklimmen om tussen alle andere zakken te graven naar de mijne...
Aan de start voelde je duidelijk dat ook de andere 'toeristen' zenuwachtig waren. Het was nog steeds donker en we konden ons wat afleiden door het observeren van de vallende sterren. Die nacht zou de doortocht van de Perseïden door onze dampkring plaatsvinden en dat wilden we toch wel gezien hebben.
Voor we't wisten was het al 5u. Een bescheiden schot (wellicht om niet geheel Sierre wakker te maken) gaf de start aan. Zo'n 2.500 lopers zochten hun weg naar boven. Ons werd verteld om zo lang mogelijk de asfaltbaan te nemen en af te zien van de trappen juist na de start. Maar ook op die weg werd het stilaan aanschuiven als we de smallere zandweg opdraaiden. Het werd nog erger naarmate deze weg een pad werd. Zo stonden we dus regelmatig enkele minuten in de file in het licht van de talrijke hoofdlampjes. Ik heb het mijne zelfs niet moeten gebruiken. Traag maar zeker wandelden we hogerop. Van lopen was er nu zeker geen sprake. De vele files maakten dat we veelvuldig konden recupereren. Misschien zelfs van het goeie te veel zodat ik besloot om de eerste bevoorradingen zo snel mogelijk te passeren. En het was te donker om foto's te kunnen trekken.
Veel tijd verloren dus. Aan de 1e bevoorrading (Beauregard) kwamen de twee wegen weer te samen en zodoende was er nog meer volk dat omhoog moest. Stilaan begon het te schemeren. De bergtoppen waren toch al mooi opgelicht. En in de files kon ik dan toch de eerste foto's nemen. En ja, het pad was al minder steil geworden en lopen was nu wel mogelijk. We waren toen toch al meer dan 1.000m gestegen. Ondanks het gevorderde uur was het, gezien de hoogte, toch nog zeer fris! De 2e bevoorrading bij Ponchette kon je bij wijze van spreken al lopende passeren. Zeker nu het voldoende licht was geworden. De bevoorraders waren best wel grappig en ik hield toch halt voor een gelleke doorspoelende met het aangereikte water. Vanaf dan heb ik bijna het ganse stuk naar de 3e bevoorrading in Chandolin kunnen lopen. Net voor Chandolin gaat het plots weer bergaf waarmee dit traject merkelijk sneller afgelegd kon worden. Chandolin is een dorpje en de eerste toeschouwers waren dan ook al present. Er hing daar al een echte kermissfeer. Het was ook daar dat ik Anne-Marie voorbij stak. We zouden elkaar nog vaker ontmoeten, omdat ik nu meer halt hield voor een foto hetgeen haar de kans gaf om me weer in te halen. Het pad naar Tignousa, de 4e bevoorrading, verliep, op enkele hellingen na, nagenoeg horizontaal, zodat ik er verrassend genoeg sneller was dan ik had gehoopt. Daar zouden onze supporters staan en dat is altijd een moment om naar uit te kijken.
Hartelijke begroeting! En wat een ambiance. Veel volk is hier naar boven gekomen. We waren hier iets meer dan halfweg en de zwaarste beklimmingen hadden we gehad. Ik stond lichtjes voor op m'n schema en voelde me nog vrij sterk. Maar ik vreesde dat de afdaling op het einde van de wedstrijd wel eens roet in het eten kon gooien, m'n ervaring met de trail van de week ervoor in Italië ééndachtig. Maar nu was het even uitblazen. De pleister over m'n kniewonde werd door mijn 'lijfarts' deskundig vervangen onder het luide geschal van een reeks alpenhoorns.
Heerlijk toch. Uiteindelijk moest ik natuurlijk de tocht verder zetten en ik dus op weg naar Hotel Weisshorn, over het traject dat we drie dagen eerder verkend hadden. Die verkenning kwam nu goed van pas om te weten waar ik het wandelen moest inzetten en dat was na het oversteken van een bergstroompje net voor de beklimming van de flank naar het hotel. het was ook hier dat ik ergens gevallen was, dus dubbel uit m'n doppen kijken ditmaal. De beklimming ging beduidend moeizamer dan tijdens de verkenningsloop. Hotel Weisshorn ligt nagenoeg op het hoogste punt van de wedstrijd. Daar werd ook een eerste tussentijd opgenomen. Ik zat nog altijd mooi voor op m'n schema. Het uitzicht hier is echt wel adembenemend. Dit hotel had geen betere plek kunnen kiezen. Je ziet het vanuit het dal ook als een bijna onbereikbare vestiging. Echt wel indrukwekkend. Van hieruit ging het pad op en neer naar de volgende bevoorrading. Die lag beduidend verder dan de andere van de vorige. Het op en neer lopen begon z'n tol te eisen, ik raakte vermoeid. Het werd tijd voor een 'turbo-gelleke', maar daarvoor moest ik water hebben en de bevoorrading bleef maar op zich wachten. Maar dit nam niet weg dat ik toch nog wat kiekjes heb genomen. Het uitzicht vroeg er gewoon om.
En toegegeven, af en toe stoppen voor een foto bood me meteen de gelegenheid om een beetje te recupereren. De stilte werd daarbij regelmatig verstoord door een loper die zwaar hijgend voorbij liep. Lange tijd liep ik achter een deerne die haar nummer op de rug had gespeld. 6812. Maar plots was ik haar uit het oog verloren. Benieuwd of ze al voor of nog achter mij was. Uiteindelijk bereikte ik dan toch de laatste bevoorrading. Hier was het duidelijk dat het gedaan was met het op en neer lopen, hier zou de afdaling finaal ingezet worden. Eerst nog subtiel, later verdomd steil.
Net voor de ultieme afdaling trok ik nog een laatste foto alsof het misschien wel de laatste ooit zou worden. En wat ik vreesde werd werkelijkheid. Ik kon geen snelheid nemen bij het afdalen en verspeelde veel tijd door me steeds weer af te laten remmen wat dan weer de gewrichten en zeker de spieren niet zo leuk vonden. De dag ervoor was ik de laatste kilometer van het parcours ook gaan verkennen en ik keek er ongeduldig naar uit, want vanaf dan ging het beduidend minder steil worden en kon ik min of meer normaal gaan lopen. Het toenemende aantal toeschouwers verraadde de nabijheid van de finish en ik liep het verkende stuk met vertrouwen tegemoet. Na het tunneltje was het nog 200m onverhard en dan 500m asfalt tot aan de finish. Het 'turbo-gelleke' miste zijn uitwerking niet en het zette een flinke versnelling in.
Een rijkelijk gevulde tafel maakte het gemakkelijk om snel te recupereren. Ik wachtte nog de aankomst van de zusjes Van S. en Ralf Z. af en ben me dan gaan douchen en omkleden. Ons hotel lag op een steenworp van de aankomst.
Al bij al een zeer interessante en fantastische ervaring. MMC plant dit nu om de twee jaar te doen en ik zal er volgende keer weer bij zijn. Nu ik het parcours ken, kan ik misschien m'n krachten beter doseren en wellicht ook vermijden dat ik teveel tijd verlies in de files aan het begin van het parcours.
PS: De vijf 4.000 zijn: Weisshorn (4.512m), Zinalrothorn (4.221m), Ober Gabelhorn (4.070m), Matterhorn (Le Cervin) (4.505m) en Dent Blanche (4.356m).
vrijdag 17 augustus 2012
Trails
De drie weken na de Antwerp IronMan stonden in het teken van de trails. Elke week kon ik ergens wel een trail lopen.
Op 28 juli liep ik samen met Bart R. de (short) 'Nisramont team trail' (17km), met 640 stijg- en daalmeters

En op 12 augustus, als apotheose en samen met de MMC, de 31km van Sierre naar Zinal, de 'Trail des cinq 4.000' in het zuiden van Zwitserland, Val d'Anniviers, met 2.200 stijgmeters en 800 daalmeters.
In die 3 weken liep ik meer dan 5.000 hoogtemeters, de trainingen inbegrepen. Met de trail in Zwitserland heb ik zelfs de status van 'skyrunner' behaald.
maandag 23 juli 2012
Antwerp IronMan 70.3

Yes, I'm an IronMan!
OK, toegegeven, een halve dan!
Maar ik deed het toch maar...
Doel: 5u59'59" - behaald: 5u41'43"
Ondanks de opwinding viel ik toch vrij snel in slaap. Ik werd al om 5 uur wakker en moest nog maar eens naar het toilet. Die carboloading is echt wel een darmspoeling! Ik bleef daarna echter wakker en had er dus geen moeite mee om om 7:15u op te staan. De 'verhuis' was gisterenavond al grotendeels doorgevoerd.
Het meeste lag al in de wagen. Rustig de nodige koolhydraten onder de vorm van muesli e.d. binnenspelen en daarna op weg naar de gedempte zuiderdokken waar ik met de andere BrTC'ers had afgesproken. Vlakbij de tweede wisselzone waar we dan ook meteen ons gerief konden klaarleggen. Na de groepsfoto trokken we langs de fietstunnel naar het Galgeweel op linkeroever. Grote bedrijvigheid. Tijd genoeg om alles klaar te zetten. En de zon was al heerlijk van de partij. In wetsuit zou het te warm zijn, daarom deed ik hem pas in laatste instantie aan. Nadat de 'elite'-atleten vertrokken om 11u was het voor mij nog 50 minuten wachten. Ik had me goed ingesmeerd met factor 70 want ik weet dat ik echt wel gevoelig ben voor de zon, zeker nu deze sinds mensenheugenis weer volop zou schijnen. Om 11:50u mocht de laatste wave en dus ook ik, starten. Zwemmen
doel: 40' - behaald: 37'
Officieel zwom ik daarmee dus meer dan 3km/u.
De start veranderde het water in een hevige bruistablet. Ik had weer moeite om mijn positie te vinden. Tot mijn grote verbazing waren er ook nog schoolslagzwemmers. Die zijn een vloek in het water, ze schoppen je er bijna uit. Na 200m lukt het dan toch om mijn ritme te vinden en ik kwam weer goed op dreef. De eerste boei leek vanop het droge wel zeer ver te liggen, maar dat viel best wel mee.
Ik kon ze probleemloos rondzwemmen. Stilaan stak ik andere atleten voorbij. Blijkbaar waren het die van de vorige wave. En ook daar weer die verdomde schoolslagzwemmers. Nu begon ik toch schrik te krijgen dat ze mijn chip rond m'n enkel zouden lostrappen. Maar die bleek toch goed vast te zitten. Eenmaal die voorbij nam ik de tweede boei en in de laatste rechte lijn ben ik er dan nog enkelen voorbij gestoken. Bij de aankomst had ik echt het gevoel nog wel een eindje te kunnen doorzwemmen. Ik was helemaal niet moe. Ik keek op mijn horloge en merkte dat ik het voor mijn doen helemaal niet slecht gedaan had.
Het was nog wel een heel eindje lopen naar de wisselzone. Tijd genoeg om mij van het bovenstuk van de wetsuit te ontdoen. Pas daarna kwam de klassieke duizeling. Ik wilde ditmaal met compressiekousen (eigenlijk tubes) fietsen en lopen. Dit ging me dan ook iets meer tijd vragen om deze aan te krijgen, ondertussen een stroopwafel naar binnen verwerkende. Na de wedstrijd zou blijken dat ik een tube ondersteboven had aangetrokken. Goed dat ik daar geen last van had...
Ik kon ze probleemloos rondzwemmen. Stilaan stak ik andere atleten voorbij. Blijkbaar waren het die van de vorige wave. En ook daar weer die verdomde schoolslagzwemmers. Nu begon ik toch schrik te krijgen dat ze mijn chip rond m'n enkel zouden lostrappen. Maar die bleek toch goed vast te zitten. Eenmaal die voorbij nam ik de tweede boei en in de laatste rechte lijn ben ik er dan nog enkelen voorbij gestoken. Bij de aankomst had ik echt het gevoel nog wel een eindje te kunnen doorzwemmen. Ik was helemaal niet moe. Ik keek op mijn horloge en merkte dat ik het voor mijn doen helemaal niet slecht gedaan had.
Het was nog wel een heel eindje lopen naar de wisselzone. Tijd genoeg om mij van het bovenstuk van de wetsuit te ontdoen. Pas daarna kwam de klassieke duizeling. Ik wilde ditmaal met compressiekousen (eigenlijk tubes) fietsen en lopen. Dit ging me dan ook iets meer tijd vragen om deze aan te krijgen, ondertussen een stroopwafel naar binnen verwerkende. Na de wedstrijd zou blijken dat ik een tube ondersteboven had aangetrokken. Goed dat ik daar geen last van had...
Zo schoot ik dan met de fiets naar de uitgang. Ditmaal had ik m'n schoenen wat professioneler ingehangen aan de pedalen. M'n voeten schoven er dan ook veel vlotter in.
Fietsen
doel: 3u10' - behaald: 2u51'
Aanvankelijk fietste ik nagenoeg alleen op de baan. Ik stak een enkeling voorbij. Even uitkijken in de bocht van 180° aan de konijnenpijp. En dan als een racebeest de diepte in. Het vroeg wat tijd om aan de duisternis te wennen wat begrijpelijk is als je een zonnebril op hebt. In de tunnel kon ik er nog enkele voorbijsteken, zeker in het stukje bergop.
Op rechteroever ging het dan richting Noorderlaan met zijn brug in de bocht en wat verderop de brug over het Albertkanaal. Telkens merkte ik dat ik bergop de sterkste was. Enkele staken mij wat verderop op hun beurt dan weer voorbij, het ontbreekt mij blijkbaar nog een beetje aan souplesse. Luc had me aanbevolen om me wat te sparen en in m'n extensieve hartslagzone te blijven. Maar hij meldde er ook bij dat ik mijn gevoel moest volgen en dat heb ik dan ook gedaan. Ik ben uiteindelijk intensief beginnen rijden. Hopelijk zou me dat bij het lopen niet zuur opbreken. Aan Metropolis draaide we dan de Groenendaallaan in om dan vervolgens de Vosseschijnstraat op te zoeken. Na zo'n 12km gereden te hebben vlogen we weer de Noorderlaan op om dan bovenop de brug de 1e van 3 rondes aan te vatten. Het decor bestond vanaf nu uit bijna niets anders dan containers. Weinig inspirerend. Maar we waren hier natuurlijk niet gekomen voor de sightseeing. Nog twee bruggen te verteren en de Noorderlaan voerde ons dan tot over de Tijsmanstunnel naar de Antwerpse baan. Links de Kruisweg voor het 2e keerpunt. Het ganse traject terug en dit dus drie maal. Ik had het parcours de week ervoor al eens verkend en realiseerde me toen dat ik het in delen moest opsplitsen. Dat doe ik bij een marathon ook altijd. Het doorbreekt de monotonie en het afmaken van een deeltje geeft je een duidelijk gevoel van vooruitgang. De aanmoedigingen aan het eerste keerpunt kwamen nagenoeg alleen maar van de BrTC-supporters. Heerlijk en iets om telkens naar uit te kijken. Bij het terugkeren in de laatste ronde ben ik aardig wat vermoeide fietsers voorbijgestoken.
En niet verwonderlijk meestal als het bergop op een brug was. Ik had wel wat schrik om zonder energie te vallen maar de twee drinkbussen met energiedrank volstonden om het traject probleemloos uit te rijden. Na de derde ronde kon het traject richting 't stad terug aangevat worden. Dat was toch nog eens 12km. Vooral de brug over het Albertkanaal was voor menig atleet er blijkbaar één te veel. Ditmaal niet terug de Imalsotunnel in, maar richting Scheldekaaien en ter hoogte van het voormalige Zuidstation de Singel op. Op de Scheldekaai was een straflus voorzien en het viel me op dat er nogal wat gestraft waren! Aan de gedempte zuiderdokken moest je dan de Vlaamse kaai op en ter hoogte van de triomfboog wist ik dat het einde in zicht was en kon ik mijn schoenen los maken. Ik had over die 90km merkelijk minder lang over gedaan dan ik had verwacht. Aan de ingang van de tweede wisselzone stapte ik vlotjes af en liep dan op kousenvoeten naar mijn toegewezen plek. Moest ik mij niet hebben willen insmeren met zonnecrème, ik was op minder dan een minuut uit de wisselzone geweest. Nu duurde het iets langer, maar ik wilde toch geen risico lopen op zonnebrand. Net voorbij de uitgang van de tweede wisselzone werd ik al aangemoedigd door Ed die speciaal voor mij, op zijn nieuwe fiets, tot hier is komen afzakken. doel 1u55' - behaald: 2u05'
En zo liep ik dan direct de Scheldekaai weer op. De fietsers tegemoet lopende startte ik mijn eerste ronde door het centrum van Antwerpen. Mijn trouwste fans zouden me opwachten ter hoogte van Café Beveren, maar ik was veel vroeger dan verwacht op de afspraak, ze waren er dan ook nog niet. Een kramp in m'n rechterzij begon de pret te bederven
(Blijkbaar van het krom zitten op de fiets met een gestoorde vertering tot gevolg). Toen speelde ik met de gedachte dat het wel eens een serieuze lijdensweg zou kunnen worden. Ik moest wat gas teruggeven en dieper gaan inademen. Het duurde dik een ronde alvorens de kramp verdween. Ik ben dan maar het tragere tempo blijven aanhouden en begon er weer plezier in te krijgen. Vanaf de tweede ronde stonden mijn fans er dan wel en die waren aangenaam verrast als ik m'n eerste armbandje toonde waarmee ik aangaf dat 1 ronde er al op zat. Ed vervoegde me met de fiets, tot waar hij uiteindelijk niet meer mee kon. Het gaf een goed gevoel om zo begeleid te worden. Ik liet het water bij de bevoorradingsposten rijkelijk vloeien, het was ondertussen wel heet geworden. Vanaf de derde ronde nam ik m'n eerste gelleke.
Meteen voelde ik het effect ervan. Ed moest ietsje harder trappen toen hij me weer vervoegde. Langs alle kanten werd ik aangemoedigd en het verplichtte mij om er de moed in te houden en dit met de glimlach. Vooral Peter VB maakte zijn rol als ambulante supporter meer dan waar. Die kwam ik echt wel overal tegen. Ondertussen waren al wat BrTC-ers aangekomen en op de Grote Markt kreeg ik ook van hen de nodige powerkreten. Op het einde van de derde ronde nam ik mijn laatste (cola-)gelleke in en versnelde in het uitlooptraject richting finish. Nu mocht ik dan wel de splitsing naar de Zakstraat nemen. In de Zinkstraat hoorde ik een ander loper aankomen en toen diens adem duidelijk hoorbaar werd, ben ik een versnelling hoger gegaan. Het was toch nog de Hofstraat en de Wisselstraat uit en vervolgens een grote bocht op de Grote Markt. En ja, ik liet me niet voorbijsteken en zegevierende, met de handen ver omhoog, liep ik de finish over. Een kanjer van een medaille werd me aangereikt. Wat een zalig gevoel. Meteen was ik die pijnlijke kramp en het ellendige gevoel erbij vergeten. Ik liet me de watermeloen, eten en drinken tegelijk, welgevallen onder het goedkeurende oog van Brabo, en zocht daarna mijn trouwste fans weer op. Die waren duidelijk ook zeer opgetogen met het behaalde resultaat: 5:41:43u. Bijna 20 minuten sneller dan ik had gehoopt.
Meteen voelde ik het effect ervan. Ed moest ietsje harder trappen toen hij me weer vervoegde. Langs alle kanten werd ik aangemoedigd en het verplichtte mij om er de moed in te houden en dit met de glimlach. Vooral Peter VB maakte zijn rol als ambulante supporter meer dan waar. Die kwam ik echt wel overal tegen. Ondertussen waren al wat BrTC-ers aangekomen en op de Grote Markt kreeg ik ook van hen de nodige powerkreten. Op het einde van de derde ronde nam ik mijn laatste (cola-)gelleke in en versnelde in het uitlooptraject richting finish. Nu mocht ik dan wel de splitsing naar de Zakstraat nemen. In de Zinkstraat hoorde ik een ander loper aankomen en toen diens adem duidelijk hoorbaar werd, ben ik een versnelling hoger gegaan. Het was toch nog de Hofstraat en de Wisselstraat uit en vervolgens een grote bocht op de Grote Markt. En ja, ik liet me niet voorbijsteken en zegevierende, met de handen ver omhoog, liep ik de finish over. Een kanjer van een medaille werd me aangereikt. Wat een zalig gevoel. Meteen was ik die pijnlijke kramp en het ellendige gevoel erbij vergeten. Ik liet me de watermeloen, eten en drinken tegelijk, welgevallen onder het goedkeurende oog van Brabo, en zocht daarna mijn trouwste fans weer op. Die waren duidelijk ook zeer opgetogen met het behaalde resultaat: 5:41:43u. Bijna 20 minuten sneller dan ik had gehoopt. Wissels
doel 15' - behaald: 8'
Een deel van het 'succes' heb ik ook te danken aan de snelle wissels. Alleen het aantrekken van de compressiekousen duurde mij wat te lang. En dan te weten dat ik er blijkbaar nog één onderste boven aanhad. Ik had me voor het zwemmen goed ingesmeerd met zonnecrème factor 70 speciaal voor watersporters, om dit in de eerste wissel niet te moeten doen, maar blijkbaar heeft het dragen van de wetsuit, en zeker het aan en uit doen de crème weggeveegd en ben ik nagenoeg onbeschermd het fietsparcours opgevlogen. Ondanks het insmeren in de tweede wisselzone bleek ik dus toch vuurrood verbrand te zijn. Je ziet zeer duidelijk de contouren van m'n trisuit in m'n rug staan. Ik had me beter in de eerste wissel nog eens goed ingesmeerd, het had dan nog een minuut gevraagd, maar dat zal de zaak niet maken. Tenslotte hangt er voor mij geen prijzengeld aan vast:-)
Algemeen kan ik stellen dat de fietsproef duidelijk het verschil heeft gemaakt. Misschien ben ik daar iets te hard van stapel gegaan en moest ik het bekopen bij het lopen, maar ik denk niet dat dit veel veranderd zou hebben. De trainingen deden duidelijk wat van hen verlangd werd en drie weken rode bietensap deden (denk ik toch) de rest.
En geen stijve benen in de 'days after'.
Gelukkig maar, want binnen drie weken staat er al een volgende uitdaging te wachten, nl. de bergloop van Sierre naar Zinal. 31km met 2.200 hoogtemeters!
Of ik volgend jaar weer voor de Antwerp IronMan ga zal een beetje afhangen van het marathonprogramma. De training voor zowel triatlon als marathon is moeilijk te combineren en ik zal een keuze moeten maken of het seizoen beter opsplitsen. Bovendien vraagt de voorbereiding voor een halve triatlon beduidend meer tijd dan voor een marathon, en dat wil toch wel eens vloeken met de rest van mijn agenda.
Abonneren op:
Posts (Atom)



